Kauwenberg is een organisatie voor armoedebestrijding. De werking brengt mensen in armoede samen en gaat vanuit hun ervaring de strijd aan tegen armoede. Kauwenberg heeft zowel een aanbod voor kinderen, als voor volwassenen en voor gezinnen. We willen sociale uitsluiting van mensen die in armoede leven samen met hen wegwerken. De werking is er op gericht mensen mondiger en sterker te maken en hen te betrekken in het verenigings- en culturele leven en de hele samenleving. We proberen armoede ook kenbaar te maken en veranderingen in maatschappelijke structuren teweeg te brengen. De kinderwerking heeft tot doel kinderen en jongeren van gezinnen in armoede de kans te geven om in groepsverband hun eigen mogelijkheden te ontdekken en te ontplooien om zo een positieve identiteit te ontwikkelen.
Kauwenberg is door de Vlaamse overheid erkend als ‘vereniging waar mensen in armoede het woord nemen. Onze werking staat op onderstaande pijlers:
- Mensen in armoede blijven
zoeken
- Dialoog en vorming
- Mensen in armoede het woord
geven
- Maatschappelijke structuren
veranderen
- Mensen in armoede verenigen
zich
- Werken aan maatschappelijke
emancipatie.
De werking van Kauwenberg werkt als een "enabling niche”. Die sociale niches zijn stimulerende en geen beperkende omgevingen, ze nodigen uit tot sociaal contact, sociale steun en het gebruik en aanleren van vaardigheden. Het zijn omgevingen waarin men zich fysiek veilig en sociaal gewaardeerd voelt. Het zijn ook ‘gastvrije’ niches: omgevingen waar het prettig is om te vertoeven, waarin de betrokkenen opnieuw keuzes kunnen maken, zodat ze zichzelf als handelende personen kunnen zien. Het is een omgeving waarin de betrokkenen een gevoel van eigenwaarde kunnen ontwikkelen en waarbij men tot medezeggenschap wordt uitgenodigd. (Driessens & Van Regenmortel, 2006)
Kauwenberg kiest er uitdrukkelijk voor om te werken met gezinnen. Groepsvorming en groepswerk zijn permanent nodig om tot zelfwaardegevoel en identiteit te komen. Het is een proces dat niet denkbaar is zonder een algemene basiswerking. Het samenkomen in groep moet door de hele samenleving (beleid, hulpverlening, diensten,…) gehoord worden. Dit kan door het gestructureerd werken in dialoog met beleid en samenleving rond specifieke thema’s en projecten.
Een geëngageerde kennis van de leefwereld van mensen in armoede kan een veranderingsproces op gang brengen in de maatschappij. Daarnaast hebben heel wat mensen in generatiearmoede in hun kinderjaren te maken gehad met verstoorde of gebroken relaties en een gebrek aan basisveiligheid. Dit leidt vaak tot een beschadigd fundament: gevoelens van schaamte, laag zelfbeeld en een gering zelfvertrouwen, ... Dit is de kern van armoede. Dit maakt het moeilijk om op eigen kracht uit de armoede te geraken. Er moet gewerkt worden op alle levensdomeinen tegelijk zodat het ene probleem het andere niet creëert of versterkt. Mensen in armoede versterken in hun eigen leven zodat ze hun onzekerheden en schaamte niet doorgeven aan de generaties die na hen komen, is noodzakelijk.